<< I Inleiding


Herman Van Kerckhoven (1853-1936) – de grootvader van Godfried

Josephina Van Kerckhoven Vermaelen (1857-1918) – de grootmoeder van Godfried
Josephina schenkt Herman dertien kinderen, waarvan negen de volwassen leeftijd bereiken: Sylvie (1878-1949), Clara (….-1951), Maria (….-….), Margaretha (1890-1960), Richard (….-….), Arthur (1892-1958), Bertha (1894-1963), Josephine (1899-1983), Elvire (1900-….)

Een Kersttafereel uit de verzameling uitvouwbare 3D kaartjes van Josephina

Herman heeft toch iets indrukwekkends (1853-1936)

Herman met dochters Margaretha en Bertha
Let op de mozaïekvloer en de met de hand gekliefde marmerblokjes met het opschrift “Gezusters Van Kerckhoven”. Op het plafond had de Aarschotse kunstschilder Jacques Vanden Seylbergh (1884-1960) een fresco geschilderd.

DE MOTTE, olie op canvas, 80x90cm – De Aarschotse kunstschilder Jacques Vanden Seylbergh (1884-1960) vangt de schoonheid van de Demervallei in de favoriete kleur van Frie. De kleur die staat voor wijsheid, bescherming en zelfvertrouwen.
Herman richt een schoenen-en laarzenmakerij op. Hij heeft twaalf mensen in dienst. Er wordt ook voor hem gewerkt in thuisarbeid. Er staat «maître chaussurier & bottier» gegraveerd op een koperen naamplaat aan de voorgevel van de Leuvensestraat 5. Je kan er niet alleen terecht om schoenen te laten herstellen, ze vervaardigen er ook. Er is vraag naar militair schoeisel bij Herman door officieren. “Zijn beleid heeft de familie Van Kerckhoven getransformeerd. Het was een man van vooruitgang. De richtingen die hij aan de familie heeft gegeven gidsen onze stappen vandaag nog.“ – Pieter

Aarschot, Orleanstorenruïne. Overblijfsel der stadsomwalling gebouwd in 1288 Afgebroken in 1782. Thans uitkijktoren met oriëntatietafel
Het leiderschap van Herman, dat de familie „transformeert“ wordt na het tranendal over de dood van Josephina op 60 jarige leeftijd in 1918 door een schandaal overschaduwd. De familie Van Kerckhoven schiet in kramp nadat de patriarchale familievader een affaire heeft met Maria Nijs met wie hij nog een dochter krijgt. In het zicht van de dood trouwt hij met haar voor de kerk. « Die van oep de Buinnewaak » (Bonewijk) wordt als een buitenechtelijke dochter aanschouwd. De kinderen uit Hermans’ eerste huwelijk vinden dat zij meer rechten hebben dan hun halfzus en Maria wordt tijdig onterfd. Het is een publiek geheim. Frie en zijn broers doen alsof zij niet bestaan heeft. „Walle wete van niks. Da kan wel zaan dat er iet geweest is… .“ Telkens er één van de tantes van Frie sterft, wordt er gevreesd dat de halfzus haar deel van de erfenis zal komen opeisen. « Maar ze zal toch niks zien. Die van Naas krecht niks!» De kwestie leidt tot een straatgevecht tussen Guy, de neef van Frie, en een nakomeling van Maria Nijs die hij knock-out slaat.
De waarheid verzwijgen is goud begraven. – Pythagoras
VOLGENDE BIJDRAGE DOOR JESSE VAN KERCKHOVEN (Tilburg, 2025)
Beste Pieter,
Over de familie Van Kerckhoven kan ik u proberen schetsen wat de familiesituatie was op verschillende tijdstippen. Ik kan u een idee geven van de broers en de zus van uw aartsvader Herman. De info die ik heb is vooral verzameld van officiële documenten zoals bevolkingsregisters, aktes e.d. Sommige weetjes komen dan weer uit een weekblad als de Arend, wat ik indertijd doorspitte in de hoop zoveel mogelijk over een Van Kerckhoven te weten te komen.
Langs mijn eigen tak heb ik helaas nergens dagboeken of dergelijke gevonden. Veel fotomateriaal heb ik evenmin, al heb ik verzameld wat ik kon.
Ik ga beginnen bij Carolus Josephus Van Kerckhoven, die werd geboren in Morkhoven op 19/03/1817. Dat is onze laatste gezamenlijke voorvader. Geboren dus te Morkhoven, zijn beide ouders waren landbouwers. Over twee broers van zijn vader heb ik info uit hun militaire loopbaan. Adrien Van Kerckhoven diende (63e régiment d’infanterie de ligne, 14 octobre 1806-30 mars 1809 (matricules 3 601 à 6 588). – Visionneuse – Mémoire des Hommes). Petrus Josephus Van Kerckhoven werd afgekeurd wegens een te kleine gestalte (<1,55m) en een mankend been vol zweren (Zoekresultaten – AGATHA; niet meer raadpleegbaar sinds overgang naar Agatha). Ook Adrien was slechts 1,55m. Die Van Kerckhoven waren dus niet al te groot.
Op 28/08/1838 schreef Carolus Josephus zich uit in Morkhoven (zie bevolkingsregister) en trok hij naar Aarschot.

In een bevolkingsregister in het kerkarchief (uit 1846), waar ik helaas geen kopie of foto van heb, staat zijn adres geregistreerd als Neerstraat 9, waar hij woonde met zijn zus Henrica.
Hij huwde in Werchter op 01/08/1850 met Anna Rosa Coremans uit Baal. Hij was toen zeeldraaier, zij landbouwster.
Hun kroost:
- Maria Theresia Van Kerckhoven; 03/03/1851 – 12/06/1939 – zij bleef ongehuwd en kinderloos. Ze had een winkeltje.
- Alfons Josephus Van Kerckhoven; 18/03/1852 – 25/04/1917. Mijn voorvader. Hij was postbode.
- Herman Franciscus Josephus Van Kerckhoven; 21/11/1853 – 24/04/1936. U welgekend.
- Carolus Van Kerckhoven; 24/08/1855 – 01/02/1857
- Carolus Van Kerckhoven; 08/08/1857 – 17/02/1928. Hij werd zeeldraaier.
- Andreas Van Kerckhoven; 22/12/1858 – 30/01/1925. Winkelier. Soms ook André of Henri in bepaalde aktes.
- Philippus Josephus Van Kerckhoven; 04/07/1861 – 06/08/1865
- Juliana Julietta Van Kerckhoven; 27/08/1864 – 28/08/1866
Bleven dus over; 1 dochter en 4 zoons. Moeder Anna Rosa Coremans overleed op 13/09/1871, slechts 49 jaar oud. Vermeld adres: Mechelschestraat 21. Op dat adres hadden de Van Kerckhovens zich definitief gesetteld. Het huis was hun eigendom. Vader Carolus was zeeldraaier, maar mogelijk was daar ook een winkeltje.
Op 17/10/1887 overleed Carolus, 70 jaar oud. Bij hem woonde op dat moment nog dochter Maria en zoon Carolus. De rest was reeds uit huis en gehuwd. Er verscheen al snel een advertentie in De Arend voor de verkoop van inboedel (A-C-K-ARE-14.pdf, pg 69), maar ik heb info dat op 09/12/1887 dochter Maria haar broers uitkoopt. Zij bleef dus in het ouderlijke huis wonen, waar ze haar winkeltje verder runde. Op 28/05/1925 verkocht zij haar eigendom (intussen nummer 29). Als ik het Gasthuis (waar zij overleed in 1939) als rusthuis mag interpreteren, dan zal zij daar gewoond hebben in haar resterende jaren. Anders is het mij onbekend waar zij haar oude dag doorbracht.


Alfons huwde met Maria Theresia Smeyers uit Schaffen. Zij woonden eerst in de Diestsestraat (in een huurhuis?), maar circa 1900 langs het Schaluin nummer 17 (wél hun eigendom). Hij was postbode, zij huisvrouw. Alfons deed ook aan zeeldraaien in bijberoep.

Een foto met Alfons uit 1898, in groep met de Aarschotse postbodes. Alfons Van Kerckhoven zit uiterst rechts op de foto. Alfons was een werkend lid van de Vlaamsche Broederbond. Ik heb geen idee hoe sterk Vlaamsgezinde gevoelens aanwezig waren in zijn gezin of de Van Kerckhovens tout court.
Het huis van Alfons werd door de Duitsers platgebrand tijdens hun intrieste doortocht in augustus 1914. Alfons en gezin vluchtten naar Tilburg. Met hen zijn zus Maria (geen idee of haar winkeltje ook afgebrand was). Zij werden op 8/10/1914 geregistreerd in Tilburg. Zijn zoon Jules huwde er een Nederlandse en stichtte een schoenenwinkel, die pas in 2021 na 4 generaties de boeken neerlegde. Alfons overleed in 1917 in Tilburg aan leverfalen.

Zijn weduwe keerde nooit terug naar Aarschot (volgens vrijgeleide wel, zie bijlage, maar in realiteit niet). Zij bleef rond Gent wonen (jongste zoon Jef had daar een hoge functie bij de Post) en stierf uiteindelijk in 1942 in Essen (zie bidprentje). Hun nakomelingen verspreidden zich over heel België. Slechts twee zoons stichtten families in Aarschot: Karel (mijn betovergrootvader), op de Braekepoort en Edmond, ook postbode, die in de Rumoldus Wetzstraat woonde.
Carolus was ook zeeldraaier. Woonde in 1890 in de Neerstraat 28 (advertentie De Arend). De kiezerslijsten uit 1919 (beschikbaar via Archiefbank Hageland) vermelden Diestsestraat 6 als adres. Ik weet niet veel over hem. Hij had een zoon, Jan, die leraar was en drie dochters. Zijn nakomelingen bleven niet in Aarschot. Met een kleinzoon van hem, Henri Hommelen, had ik een jaar of 7 geleden een keer telefonisch contact, maar daar is niet veel uit voortgekomen. Hij was toen al ver in de 90 en is intussen ook overleden. Meer weet ik niet over hem of zijn nakomelingen.

Andreas (soms dus ook André, of Henri) was een meubelmaker, met vrouw en zoon voor zijn winkel. Uit zijn eerste huwelijk had hij een zoon Lucien. Uit zijn tweede ook; Ernest. Hij woonde op de Theofiel de Beckerstraat 48 (daar was ook de winkel). Zijn zoon Lucien huwde in 1917. Op de huwelijksakte staat dat Andreas Aarschot ontvluchtte in 1914 maar dat sindsdien elk spoor ontbreekt. Deze wending is voor mij recente info, ik had dat nog niet eerder ontdekt. Ik heb geen idee wat er zich in die periode afgespeeld heeft. In de registers van aankomst in Aarschot (vnl. gevluchte Aarschottenaren die terugkeren) is er nergens een vermelding van Andreas. Hij overleed in Leuven. Zijn zoon Lucien was één van de aangevers.
Nog enkele losse weetjes of zaken die mij opgevallen zijn:
- Met Alfons, zijn zoons Edmond en Jef; met Richard (zoon van Herman); met Lucien (zoon van Andreas) had de familie Van Kerckhoven 5 leden die ofwel postbode waren of werkten bij de Post in een hogere functie. Zij die niet voor de post werkten, hadden vaak winkels (Maria, Herman, Andreas, ..).
- Alle kinderen van Carolus Jos. en Anna Rosa Coremans hadden een keurig handschrift (toch als ik hun handtekeningen op verscheidene aktes bekijk). Ik vermoed dus dat zij allen een volwaardige schoolloopbaan gehad hebben.
- Zus Maria, die kinderloos bleef, was liefst 8x doopmeter van neefjes en nichtjes.
- De zeeldraaiers onder de Van Kerckhovens (toevallig 3x een Carolus/ Karel/ Charles) maakten zelen voor de klokken in de kerk in Aarschot. Er zijn tal van facturen (de oudste uit 1898) te vinden in het archief van de Kerkfabriek. Mijn betovergrootvader was de laatste Aarschottenaar die zelen maakte. Ergens vanaf de jaren 1930 werd het beroep definitief ingehaald door industrialisatie. Het standbeeldje op de Braekepoort is een aandenken aan het ambacht en daar geplaatst omdat mijn betovergrootvader er als laatste zeeldraaier zijn leven lang het ambacht uitoefende. Zijn materiaal is na zijn dood aan het museum geschonken en staat daar volgens mij permanent tentoon gesteld. Het materiaal zou, zo heb ik mij laten vertellen, nog meegaan van zijn grootvader, dus Carolus Josephus uit Morkhoven. Geen idee of dit uit sentiment een verzinseltje is, of dat het materiaal echt van pakweg 150 jaar geleden is.
Zo. Ik hoop dat ik een paar interessante weetjes heb kunnen delen. Wie weet kan het u helpen hier en daar een aanvulling te doen op uw website. Voor een coherent levensverhaal heb ik, althans naar mijn eigen aanvoelen, net te weinig concrete en/of persoonlijke informatie.
Beste groeten,
Jesse (februari, 2025)
III Van Christus tot God >>>